Ambulante gezinsbegeleiding bij jonge kinderen & hechtingsproblematiek

Veilige hechting speelt een belangrijke rol bij de (gedrags)ontwikkeling en vorming van latere persoonlijkheden. Baby’s en jonge kinderen passen zich aan situaties aan, aanpassen is een soort van overlevingsstrategie. In een opvoedsituatie die onveilig en/of onvoorspelbaar is, heeft een kind hele andere vaardigheden nodig om de dag door te komen dan wanneer ouders heel sensitief zijn. Verschillen in opvoedstijl verklaren hierdoor een belangrijk deel van het gedrag van een kind. Uit onderzoek blijkt dat ouder-kind interactiepatronen op jonge leeftijd veel informatie geven over toekomstig gedrag tussen ouders en kind. Wanneer ouders niet (voldoende) kunnen aansluiten bij de behoefte van een kind of wanneer zij zich niet goed kunnen verplaatsen in het kind of signalen niet goed oppakken dan is vroegtijdige begeleiding van belang. Kortdurende interventies op zeer jonge leeftijd kunnen grootste effecten hebben voor latere leeftijden.

In november en december heeft ons ambulante gezinsbegeleidingsteam deelgenomen aan de IMH scholing. IMH staat voor Infant Mental Health. Wij merken dat er steeds meer vraagstukken op het gebied van hechtingsproblematiek en het jonge kind op ons afkomen en vinden het belangrijk om als team voldoende kennis in huis te hebben en handvatten om gezinnen op de juiste manier te begeleiden.

Het was een zeer interessante training waarbij wij ons hebben verdiept in:

  • Het belang van goede afstemming tussen ouder en kind. Kinderen, hoe jong ook, geven veel signalen af. Zelfs een baby van vijf dagen oud, probeert al veel te vertellen met zijn lichaam. Regelmatig zijn er zogenaamde mismatches in de communicatie tussen ouder en kind, maar het gaat erom hoe deze mismatches worden gerepareerd.
  • Stress heeft veel impact op de hechting tussen ouder en kind. “The Window of Tolerance”. Als een ouder het kind voldoende troost en veiligheid kan bieden, zal het kind zijn eigen emoties beter kunnen reguleren op de langere termijn.
  • Wie is de patient? Het is niet de ouder en ook niet het kind, maar de ouder-kind relatie.
  • Observatieschalen, waarmee interacties tussen ouder en kind kunnen worden beoordeeld met betrekking tot bijvoorbeeld responsiviteit, structureren en sensiviteit. Hoe reageert een kind op een iets te moeilijke taak en wat gebeurt er vervolgens. Ontstaat er stress of frustratie en wordt er hulp van een ouder ingeroepen?
  • Welke vormen van (onveilige) hechting zijn er en het mentaliserend vermogen van ouders speelt een grote rol.

Wil jij meer informatie over IMH en onze begeleiding neem dan contact op via onze secretariaat of benader on behandelcoordinator Laura Schalkwijk via 0888-3210111 of info@atlasjeugdhulp.nl.